Je bent 1 week zwanger, maar eigenlijk ben je dat nog helemaal niet. Dat klinkt verwarrend, en dat is het in het begin ook. Verloskundigen en gynaecologen rekenen de start van je zwangerschap namelijk vanaf de eerste dag van je laatste menstruatie, niet vanaf de bevruchting. Dat betekent dat je in week 1 gewoon ongesteld bent en er van een baby nog geen sprake is. Toch is deze week belangrijk, want je lichaam is zich al aan het voorbereiden op een mogelijke zwangerschap. In dit artikel lees je precies wat er in week 1 gebeurt, hoe de zwangerschapstelling werkt en wat je nu al kunt doen om je lichaam optimaal voor te bereiden.
Inhoudsopgave
- Hoe werkt de zwangerschapstelling?
- Wat gebeurt er in je lichaam in week 1?
- De ontwikkeling van je baby in week 1
- Foliumzuur: waarom je nu al moet beginnen
- Je vruchtbare dagen en de kans op zwangerschap
- Voeding en leefstijl bij een kinderwens
- Wat je beter kunt vermijden
- De emotionele kant van proberen zwanger te worden
- Wanneer naar de huisarts of verloskundige?
Hoe werkt de zwangerschapstelling?
De zwangerschapstelling begint op de eerste dag van je laatste menstruatie. Dit heet in medische termen de amenorroeduur. Je verloskundige of gynaecoloog telt vanaf dat moment 40 weken vooruit om je uitgerekende datum te berekenen. De reden hiervoor is simpel: de eerste dag van je menstruatie kun je precies aanwijzen, terwijl het moment van bevruchting vrijwel nooit exact te bepalen is. Zelfs als je weet wanneer je gemeenschap hebt gehad, kan de bevruchting tot drie dagen later plaatsvinden, omdat zaadcellen zo lang in je lichaam kunnen overleven.
In werkelijkheid duurt de ontwikkeling van bevruchte eicel tot baby ongeveer 38 weken. Omdat de telling twee weken eerder begint (namelijk bij je menstruatie in plaats van bij de bevruchting), kom je uit op die bekende 40 weken. Dit verklaart ook waarom je in week 1 en 2 technisch gezien nog niet zwanger bent. De bevruchting vindt pas rond week 2 of 3 plaats, afhankelijk van de lengte van je cyclus en het moment van je eisprong.
Je uitgerekende datum is overigens een schatting, geen exacte deadline. Slechts 4 procent van alle baby's wordt op de uitgerekende datum geboren. De meeste baby's komen ter wereld tussen week 38 en 42, en dat is allemaal volkomen normaal. Bij je eerste echo (meestal rond week 8 tot 12) kan de verloskundige je uitgerekende datum nog bijstellen op basis van de grootte van het embryo. Die meting is nauwkeuriger dan de berekening op basis van je menstruatiecyclus.
Wat gebeurt er in je lichaam in week 1?
In week 1 heb je je menstruatie. Je baarmoeder stoot het slijmvlies af dat de vorige cyclus was opgebouwd. Dit gaat gepaard met de bekende menstruatieklachten: buikkrampen, rugpijn, vermoeidheid en soms hoofdpijn. Je bloeding duurt gemiddeld drie tot zeven dagen, afhankelijk van je persoonlijke cyclus. Hoewel het misschien niet zo voelt, is dit het startpunt van een heel bijzonder proces.
Terwijl je baarmoeder het oude slijmvlies afstoot, is je lichaam al bezig met de voorbereiding op de volgende cyclus. In je eierstokken beginnen follikels te rijpen onder invloed van het follikelstimulerend hormoon (FSH). In elke follikel zit een eicel, maar uiteindelijk zal er maar een dominant worden en uitgroeien tot een rijpe eicel van ruim twee centimeter. De andere follikels sterven af. Tegelijkertijd begint je baarmoeder al met het opbouwen van een nieuw, dik en voedselrijk slijmvlies. Dit slijmvlies moet klaarliggen voor het geval er een bevruchte eicel aankomt die zich wil innestelen.
Je hormoonhuishouding speelt in deze week een cruciale rol. Het hormoon oestrogeen zorgt voor de groei van het baarmoederslijmvlies en de rijping van de follikels. Het luteïniserend hormoon (LH) bouwt zich langzaam op en zal rond het midden van je cyclus pieken, waardoor de eisprong wordt getriggerd. Deze complexe hormonale dans herhaalt zich elke maand, maar deze keer zou het zomaar de cyclus kunnen zijn waarin alles op zijn plek valt.
De ontwikkeling van je baby in week 1
In week 1 is er nog geen baby, embryo of zelfs bevruchte eicel. Er is op dit moment alleen een eicel die in een van je eierstokken aan het rijpen is, verpakt in een follikel. Deze eicel bevat de helft van het genetisch materiaal dat je toekomstige baby nodig heeft. De andere helft komt van de zaadcel van je partner. Samen bevatten die twee cellen alle informatie voor het haar, de oogkleur, de lengte en duizenden andere eigenschappen van je kind.
Hoewel er nog geen sprake is van een zwangerschap, is de kwaliteit van deze eicel wel degelijk belangrijk. Eicellen rijpen gedurende ongeveer drie maanden voordat ze worden vrijgelaten bij de eisprong. Dat betekent dat je leefstijl van de afgelopen maanden invloed heeft op de kwaliteit van de eicel die nu rijpt. Gezond eten, voldoende bewegen, niet roken en geen alcohol drinken dragen bij aan een betere eicellkwaliteit.
Aan de kant van je partner geldt hetzelfde. Zaadcellen hebben ongeveer 74 dagen nodig om volledig te rijpen. Een gezonde leefstijl, inclusief voldoende slaap en het vermijden van overmatige warmte rond de testikels (denk aan strakke onderbroeken, langdurig op de laptop werken of hete baden), verbetert de zaadkwaliteit. Het is dus een gezamenlijk project dat al maanden voor de bevruchting begint.
Foliumzuur: waarom je nu al moet beginnen
Foliumzuur is het allerbelangrijkste supplement als je zwanger wilt worden. Het is een synthetische vorm van folaat (vitamine B11) die je lichaam nodig heeft voor de aanleg van de neurale buis van de baby. De neurale buis ontwikkelt zich al in de allereerste weken van de zwangerschap (week 3 tot 4, nog voordat de meeste vrouwen weten dat ze zwanger zijn) en vormt later het ruggenmerg en de hersenen. Een tekort aan foliumzuur vergroot de kans op ernstige afwijkingen zoals een open rug (spina bifida) of een open schedel.
De aanbeveling is om dagelijks 400 microgram foliumzuur te slikken vanaf het moment dat je stopt met anticonceptie omdat je zwanger wilt worden. Je kunt foliumzuur kopen bij de drogist (Kruidvat, Etos) of apotheek, voor een paar euro per maand. Ga door met slikken tot en met de tiende week van je zwangerschap. Na die periode is de neurale buis volledig gesloten en is extra foliumzuur niet meer nodig. Sommige vrouwen kiezen voor een prenataal multivitamine dat naast foliumzuur ook vitamine D en ijzer bevat.
Folaat zit ook in voeding, maar het is lastig om via eten alleen voldoende binnen te krijgen. Goede bronnen zijn donkergroene bladgroenten (spinazie, boerenkool, broccoli), volkorenbrood, peulvruchten, noten en citrusvruchten. Eet deze producten gerust extra, maar vertrouw niet alleen op voeding. Het RIVM en het Voedingscentrum adviseren nadrukkelijk om naast voeding ook een supplement te gebruiken. Heb je eerder een kind gekregen met een neuralebuisdefect, dan schrijft je arts een hogere dosering voor (5 milligram per dag).
Je vruchtbare dagen en de kans op zwangerschap
Om zwanger te worden, moet je gemeenschap hebben rond je eisprong. De eisprong vindt gemiddeld plaats rond dag 14 van je cyclus, maar dit verschilt per vrouw en kan zelfs per maand variëren. Bij een cyclus van 28 dagen is de eisprong rond dag 14, bij een cyclus van 32 dagen rond dag 18. Na de eisprong is de eicel slechts 12 tot 24 uur bevruchtbaar. Zaadcellen kunnen echter tot drie, soms vijf dagen overleven in het lichaam van de vrouw. Je vruchtbare venster is daarom groter dan je misschien denkt: van ongeveer vijf dagen voor de eisprong tot een dag erna.
De kans om zwanger te worden is het grootst als je in de twee tot drie dagen voor de eisprong gemeenschap hebt. Op die dagen is de kans per cyclus ongeveer 25 tot 30 procent. Dat klinkt misschien niet heel hoog, maar na zes maanden proberen is ongeveer 80 procent van de stellen zwanger, en na een jaar meer dan 90 procent. Het is dus normaal als het niet meteen in de eerste maand lukt. Elke twee tot drie dagen vrijen rond je verwachte eisprong geeft de beste kansen, zonder dat het voelt als een verplichting.
Er zijn verschillende manieren om je eisprong te herkennen. Let op veranderingen in je baarmoederhalslijm: rond de eisprong wordt het helder, glad en rekbaar (vergelijkbaar met rauw eiwit). Je kunt ook een basale lichaamstemperatuur bijhouden: na de eisprong stijgt je temperatuur met 0,2 tot 0,5 graad. Ovulatietesten uit de drogist meten de LH-piek in je urine en geven een betrouwbare indicatie. Een combinatie van deze methoden geeft je het beste inzicht in je vruchtbare dagen.
Voeding en leefstijl bij een kinderwens
Een gezonde leefstijl vergroot je kans op een vlotte zwangerschap en een gezonde baby. Eet gevarieerd met veel groenten, fruit, volkorenproducten, peulvruchten en voldoende eiwitten. Vis is een uitstekende bron van omega-3 vetzuren, die belangrijk zijn voor de hersenontwikkeling van je baby. Eet twee keer per week vis, waarvan minstens een keer vette vis zoals zalm, makreel of haring. Beperk je inname van bewerkte voeding, suiker en verzadigd vet.
Voldoende bewegen is net zo belangrijk als gezond eten. Probeer minstens 30 minuten per dag matig intensief te bewegen, zoals wandelen, fietsen of zwemmen. Bewegen verbetert je bloedcirculatie, helpt je op een gezond gewicht te blijven en vermindert stress. Zowel overgewicht als ondergewicht kan je vruchtbaarheid negatief beïnvloeden, omdat beide je hormoonhuishouding verstoren. Een BMI tussen 18,5 en 25 geeft de beste kansen op een spontane zwangerschap.
Slaap verdient ook aandacht. Probeer zeven tot negen uur per nacht te slapen en houd een regelmatig slaapritme aan. Slaaptekort verstoort de aanmaak van reproductieve hormonen, waaronder LH en FSH, die essentieel zijn voor een regelmatige eisprong. Neem daarnaast voldoende vitamine D, zeker in de wintermaanden. In Nederland krijgen we van oktober tot maart te weinig zonlicht om zelf vitamine D aan te maken. Een supplement van 10 microgram per dag wordt aanbevolen. Zorg ook voor een goede huidverzorging met milde, natuurlijke producten. Een jojoba olie is hiervoor ideaal, omdat het de huid voedt zonder synthetische toevoegingen.
Wat je beter kunt vermijden
Alcohol is de eerste en belangrijkste stof om te schrappen als je zwanger wilt worden. Er is geen veilige hoeveelheid alcohol tijdens de zwangerschap vastgesteld, en omdat je in de eerste weken vaak nog niet weet dat je zwanger bent, is het verstandig om al te stoppen met drinken zodra je actief probeert zwanger te worden. Alcohol kan de bevruchting bemoeilijken en verhoogt het risico op een miskraam in het eerste trimester.
Roken is de tweede grote risicofactor. Sigaretten bevatten meer dan 4.000 schadelijke stoffen die de kwaliteit van zowel eicellen als zaadcellen aantasten. Vrouwen die roken hebben gemiddeld een lagere vruchtbaarheid en een grotere kans op buitenbaarmoederlijke zwangerschappen en miskramen. Ook meeroken is schadelijk. Als je partner rookt, is dit het moment om samen te stoppen. Je huisarts kan jullie verwijzen naar een stoppen-met-rokenprogramma, en veel zorgverzekeraars vergoeden deze hulp.
Daarnaast is het verstandig om je medicijngebruik te bespreken met je huisarts of apotheek. Sommige medicijnen (zoals bepaalde pijnstillers, antibiotica en huidmedicatie) zijn niet veilig tijdens de zwangerschap of kunnen de vruchtbaarheid beïnvloeden. Stop nooit op eigen houtje met voorgeschreven medicijnen, maar vraag altijd medisch advies. Vermijd ook grote hoeveelheden cafeïne. Tot 200 milligram per dag (twee koppen koffie) wordt als veilig beschouwd, maar meer dan dat kan de vruchtbaarheid verminderen. Pas ook op met kruidensupplementen: niet alle natuurlijke middelen zijn veilig bij een kinderwens. Gebruik bij je dagelijkse verzorging producten zonder parabenen en synthetische geurstoffen, zoals een natuurlijke zeep.
De emotionele kant van proberen zwanger te worden
Proberen zwanger te worden is voor veel vrouwen een spannende maar ook stressvolle periode. Elke maand bouw je hoop op en elke negatieve test kan een teleurstelling zijn. Dat is volkomen normaal. Praat erover met je partner, een goede vriendin of een professional als je merkt dat de stress je dagelijks leven beïnvloedt. Vergeet niet dat het gemiddeld zes maanden duurt voordat een stel zwanger wordt, zelfs als alles gezond is.
Stress kan overigens ook je vruchtbaarheid beïnvloeden. Langdurige stress verhoogt het cortisol in je lichaam, wat je hormoonhuishouding kan verstoren en je eisprong kan vertragen of onderdrukken. Dat wil niet zeggen dat je jezelf moet dwingen om ontspannen te zijn (dat werkt averechts), maar het is wel verstandig om actief ontspanningsmomenten in te bouwen. Denk aan yoga, meditatie, wandelen in de natuur of een warm bad. Doe dingen die je gelukkig maken en probeer het proberen zwanger te worden niet je hele leven te laten beheersen.
Wees ook voorzichtig met het vergelijken van jezelf met anderen. Op sociale media lijkt het soms alsof iedereen moeiteloos zwanger wordt, maar de werkelijkheid is dat veel stellen langer moeten proberen dan verwacht. Eén op de zes stellen heeft te maken met verminderde vruchtbaarheid. Dat is geen falen, maar een medische realiteit waar hulp voor beschikbaar is. Ga niet eindeloos googelen naar symptomen en vruchtbaarheidstips, want dat vergroot de onrust alleen maar. Vertrouw op je lichaam, leef gezond en geef het de tijd.
Wanneer naar de huisarts of verloskundige?
Als je jonger bent dan 35 en al langer dan een jaar probeert zwanger te worden zonder resultaat, is het verstandig om een afspraak te maken bij je huisarts. Ben je 35 of ouder, dan is zes maanden proberen de richtlijn. Je huisarts kan een eerste beoordeling doen en je zo nodig doorverwijzen naar een fertiliteitsarts. Maar ook als je net begint met proberen, kun je al bij een verloskundigenpraktijk terecht voor een zogenoemd preconceptieconsult. Tijdens zo'n gesprek bespreek je je gezondheid, medicijngebruik, vaccinaties en leefstijl, zodat je goed voorbereid aan je zwangerschap kunt beginnen.
Er zijn ook situaties waarin je beter niet kunt wachten met een bezoek aan de huisarts. Als je onregelmatige menstruatiecycli hebt (korter dan 21 dagen of langer dan 35 dagen), als je eerder een miskraam of buitenbaarmoederlijke zwangerschap hebt gehad, of als je een bekende aandoening hebt zoals PCOS, endometriose of een schildklierprobleem, dan is het verstandig om al voor je gaat proberen medisch advies in te winnen. Hetzelfde geldt als je partner een bekende vruchtbaarheidsstoornis heeft.
Tot slot: zorg dat je vaccinaties op orde zijn. Controleer of je beschermd bent tegen rode hond (rubella), waterpokken en kinkhoest. Een rode hond-infectie tijdens de zwangerschap kan ernstige afwijkingen bij de baby veroorzaken. Je huisarts of de GGD kan je vertellen welke vaccinaties je eventueel nog nodig hebt. Sommige vaccinaties (zoals het BMR-vaccin tegen bof, mazelen en rode hond) kun je niet krijgen als je al zwanger bent, dus zorg dat je dit ruim van tevoren regelt.